Adieu!

Een bewogen jaar, hier bij weblog.
Een migratie die als ‘een fluitje van een cent’ was aangekondigd liep uit op een drama.
Weken waren we onze weblogs kwijt en ook daarna ging er nog van alles mis.
Na maanden van hard werken achter de schermen, lijkt het dan toch allemaal goed te komen.
Toch neem ik afscheid van weblog, dit omdat ik het goed naar mijn zijn heb bij WordPress. Mijn volgers hebben me daar veelal weten te vinden en verder heb ik daar nieuwe lezers mogen begroeten.
Misschien kan er bij WordPress minder, maar voor mij is het genoeg.
Ik wil weblog bedanken voor jaren blogplezier en een goede ondersteuning vanuit de helpdesk
Voorlopig blijft dit weblog open, totdat ik alle oude berichten heb overgezet naar WordPress.
Rest me niets, dan jullie een fijne jaarwisseling te wensen en een goed 2012.

tot ziens op:

http://hannekelive.wordpress.com

 

Het laatste kerstcadeau

De twaalfjarige Stefan zat naast het ziekenhuisbed en hield de broze hand van zijn
moeder vast. De dokter had gezegd, dat ze nog maar kort te leven had.
Zachtjes streelde hij de hand die vorig jaar nog voorzichtig de kerstballen in
de boom had gehangen. Hij zag de doffe ogen, die een jaar geleden nog glinsterden
door de tientallen lichtjes in de boom. De heldere stem, waarmee ze toen
kerstliederen zong op het koor, klonk zwak.
‘Zie je de ramen aan de overkant, Stefan?’ haar blik gleed naar het flatgebouw
tegenover het ziekenhuis.  ‘Het lijken net allemaal televisies. Overal gebeurt wat anders. Zo hoef ik me niet te vervelen. ’
Stefan keek naar de verlichte ramen.
‘Zie je hoe mooi de meeste mensen hun kamers in kerstsfeer hebben gebracht.’
‘Je mist de kerstboom, hè mam? Je houdt zoveel van kerst en nu…’ een brok in de
keel verhinderde hem het spreken.
‘Ach het geeft niet, lieverd, kijk maar naar de overkant. Ik heb nog nooit
zoveel bomen gehad.’
Terwijl ze keken vormde zich een plan in het hoofd van de jongen, waardoor zijn moeder tóch een kerstboom zou hebben.
Het kostte hem veel voorbereiding, maar met de hulp van zijn vader was alles op
tijd klaar.
Samen zaten ze op  kerstavond rond het bed van de vrouw.
Stefan keek iedere keer zenuwachtig op de klok. Het lag nu niet meer in hun
handen, anderen moesten zijn plan uitvoeren.
Iets voor acht uur opende hij de gordijnen en deed hij het licht uit.
‘Wat…?’
‘Sttt, kijk maar.’
Langzaam verscheen op het gebouw aan de overkant een grote verlichte kerstboom.
De bewoners hadden massaal  gehoor gegeven aan zijn oproep, de lampen dan
wel aan of uit te doen.
Op de onverlicht balkons brandden honderden sterretjes terwijl steeds duidelijker
het ‘Stille nacht’ klonk.

De violist

Wilfred was geniaal in zijn vak.
Al op jonge leeftijd had de muziek hem gegrepen.
Als kleuter kon hij uren luisteren naar de langspeelplaten van zijn opa. Met gesloten ogen dronk hij de klanken in.
Klassieke muziek, flinke dramatische stukken. Daar hield hij van.
Op zijn achtste kreeg hij zijn eerste viool. Les had hij niet nodig: hij leerde het zichzelf wel aan.
Al snel speelde hij de sterren van de hemel.
Uren bracht hij door met zijn geliefde muziekinstrument.
Zijn moeder maande hem wel eens naar buiten te gaan, om met vriendjes te spelen.
Maar Wilfred had geen vriendjes. Die begrepen niets van zijn muzikale keuze.
‘Klassiek is voor oude mensen,’ zeiden ze  ‘luister hier maar eens naar.’ En ze hadden hem een onmuzikale herrie laten horen. Het was afgrijselijk.
Thuis had hij snel de muziek van Camille Saint-Saëns  opgezet. De ‘Danse macabre’ was zijn lievelingsstuk.
Ondanks het uitzonderlijke niveau van zijn vioolspel, was er geen plek voor hem op het conservatorium. Want noten lezen kon hij niet. Dat vond hij maar onzin. Muziek maken, ging om de emotie, het gevoel. Dat kreeg je niet door een paar zwarte stippen op een notenbalk te volgen.
Zijn muzikale ster steeg. Maar terwijl zijn carrière een vlucht nam, begon zijn gedrag bergafwaarts te gaan.
Hij studeerde twintig uur per dag, sliep nauwelijks en alleen als er voedsel in huis was, at hij wat.
Vlak voor zijn eenentwintigste verjaardag had hij zijn eerste grote optreden in een uitverkocht Concertgebouw.
De muziek nam bezit van hem. Het zweet gutste over zijn lijf, zijn ogen draaiden wild, het uitgemergelde lichaam wankelde en terwijl de laatste tonen klonken, zakte hij in elkaar. Een toegesnelde arts kon niets meer voor hem doen.
Wilfred was dood. Gestorven tijdens de uitvoering van zijn geliefde Danse Macabre.
——
geschreven voor WE-300 bezetenheid

 

 

Henk

Henk plofte neer op zijn bank. Het was een ouwetje, de stof was
versleten, maar hij zat nog heerlijk.
Hij schoof de salontafel iets naar zich toe zodat hij zijn voeten er op neer
kon leggen.
De volle koffiekan stond naast hem op de grond.
Het achtuurjournaal was bijna afgelopen, daarna zou zijn voetbalavondje
beginnen.
Hij genoot van zijn rust. Zijn verhuizing was goed uitgepakt.
Achtendertig jaar had hij onder het juk van zijn tweelingbroer geleefd.
Hun uiterlijk was identiek, maar daar achter was er niets dat op elkaar leek.
Henk was minderbegaafd. Leefde een rustig leven, bij het saaie af, terwijl de
geslepen Joop een druktemaker was die altijd in de problemen kwam. De laatste
jaren was Joop in het criminele circuit terecht gekomen en dreigde daar zijn
broer in mee te sleuren.
Henk was tot aan haar dood bij zijn moeder blijven wonen. Het oude mens kon er
toch ook niets aan doen, dat ze zo’n jongen als Joop op de wereld gezet had.
Nadat ze overleden was, vertrok Henk naar de andere kant van het land.
Hij vond werk als orderpicker bij een groothandel en bewoonde een klein
appartement in een prettige buurt. De mensen waren aardig en groetten elkaar,
zonder opdringerig te zijn. Zijn leven was prettig saai.
Het journaal was voorbij en werd onmiddellijk gevolgd door een politiebericht.
‘De politie Haaglanden vraagt
uw aandacht voor het volgende. In de nacht van zondag op zaterdag, heeft er een
gewelddadige overval plaatsgevonden op een BP tankstation aan de Prins
Bernhardlaan te Voorburg
’.
Direct werd er een compositiefoto getoond van de gezochte crimineel. Henks adem
stokte, want op tv herkende hij zijn eigen gezicht. Tenminste, dat zouden zijn
buren denken. Hijzelf had binnen een paar seconden door dat het zijn broer
betrof. De zin om nog verder tv te kijken was verdwenen. Hij ijsbeerde door de
kamer. Hij verwachtte ieder moment een arrestatieteam voor zijn deur en toen er
aan zijn deur gebeld werd, stond zijn hart dan ook bijna stil van schrik.
‘Wie is daar?’ vroeg hij. Zijn stem sloeg over.
‘Ik ben het, Joop.’ Hoorde hij aan de andere kant van de deur.
Joop? Hoe wist hij….
Even later stond hij oog in oog met zijn criminele evenbeeld.
‘Henk, je moet me helpen. Ik zit in de problemen.’
‘Ik weet het. Maar hoe kom je aan mijn adres.’
‘Simpel, via een mannetje bij de post. Je had daar een adres achtergelaten voor
de na bezorging. Nooit eentje van de slimste geweest, hè Henkie?’
‘Luister, je moet me onderdak verlenen, de politie zit achter me aan.’
‘Ja, maar…’
‘Het is maar voor een paar dagen, tot de storm wat geluwd is.’
Henk was overrompeld en bood zijn broer de bank aan als slaapplek.
‘Voor een nachtje.’ had hij er aan toegevoegd
Hij deed zelf geen oog dicht, pas tegen de morgen viel hij in slaap, maar werd
even later wreed gewekt door een kabaal bij de deur. Voordat hij goed en wel
besefte wat er gebeurde stond de politie al naast zijn bed. Hij moest zich snel
aankleden en werd meegenomen naar het bureau.
‘Joop!’ huilde hij. ‘Help me!’
Maar Joop was er niet.
Die hield zich schuil in het portiek aan de overkant en hield daarvandaan de situatie
in de gaten.
Het was een slimme zet van hem geweest om de politie te tippen over de
verblijfplaats van de overvaller.
Hij zou wachten tot de rust teruggekeerd was en daarna soepel het leven van
zijn simpele broer overnemen.

 

‘Ik wil die po!’

Dat ging gesmeerd, gistermiddag.
In een mum van tijd, was ik van een groot deel van de overbodige inboedel af.
Er moet nog wel het een en ander afgehaald worden, maar er komt schot in de zaak.
Helaas merk je dan dat er wel enige wrevel ontstaat.
Je hebt de snelle reageerders, die of geen werk hebben, of aan hun mobiel zitten vastgeplakt zodat ze geen mailtje missen. En de harde werkers, die pas aan het einde van de middag er achter kwamen dat er uitverkoop was in huize B. en zich mokkend ietwat misdeeld voelden.
Dat geeft me toch een vervelend toekomstbeeld over ruzixebnde kinderen aan je sterfbed.
x91Nee, ik wil die antieke po. Neem jij de glazen maar.x92
x91Die glazen? Echt niet, die zijn van Blokker, goedkope meuk. De po is van mij.x92 om maar eens wat te noemen.
Misschien moet ik maar zorgen, dat ons hele huis langzaamaan leeg komt te staan, zodat er tegen die tijd niets meer te verdelen valt.
Of, om niet dertig jaar in een leeg huis te wonen, plakkertjes onder de gewenste artikelen te gaan plakken.
Nou jongens, daar gaat ie dan:
Wie wil de boekenkast met inhoud?

Gratis af te halen

Bijna was het helemaal misgegaan en was ik zeker de familie uitgezet.
k heb alle zeilen bij moeten zetten om de gemoederen weer wat tot rust te brengen.
En dat allemaal om een stapel kinderboekjes.
Wat is er gebeurd.
In een poging om het huis half leeg te krijgen, door alle oude zooi weg te geven of te gooien, kwam ik een stapel Disneyboekjes tegen.
Toen onze kinderen klein waren, werden we lid van de Disney boekenclub en kregen we iedere maand een nieuw boekje thuis gestuurd, dat gretig gelezen of voorgelezen werd.
We zijn een paar jaar lid gewest, met het resultaat dat er een aanzienlijke collectie aangelegd is.
Die boekenrij stond me eerlijk gezegd in de weg. Natuurlijk had ik ze kunnen bewaren voor eventuele kleinkinderen, maar Joost mag weten hoe lang dat nog gaat duren. Dus bood ik ze aan op facebook en Twitter.
Met resultaat. Want binnen tien minuten had ik een reactie van een vriend van Worm en Zoon, die ze graag wilde hebben voor zijn pasgeboren zoontje.
Mooi, dacht ik, dat is geregeld.
Mooi niet!
Want enkele minuten later kreeg ik een verontwaardigde reactie van San, dat ik die boekjes NOOIT had mogen verpatsen. Zelfs uit Parijs, waar Zoon en Schoon vertoefden, kwam een noodkreet: NEEEEEEEEEEE!
Gelukkig was er nog nietsxa0 opgehaald en zo kregen de kinderen de eerste keus hun favorieten eruit te halen. Met als gevolg dat er niet een boekje over is! De laatste is gister opgehaald door Worm. San heeft voor de zekerheid alle andere kinderboeken doorgelopen en een verhuisdoos vol meegenomen.
Het ruimt dus wel op.
Het is wel een beetje sneu voor vriend J, daar zoek ik nog een passende oplossing voor.
Inmiddels heb ik een goed idee, hoe ik het huis leeg moet krijgen. Straks zet ik een advertentie op Facebook;
Gratis af te halen: een keukentje, Thunderbirdseiland met voertuigen, Barbies met alles erop en eraan, Playmobil, Lego, poppen met toebehoren zoals bedje, kinderstoel en kleding en niet te vergeten een poppenhuis.
Ik verwacht binnen het kwartier vijf reacties.

Plaszak

Er was eens een dame uit Assen
Die moest in de trein nodig plassen
Ze merkte: Oh wee,
er is geen wc.
Nu moet ik die plaszak gaan passen.

Van de kook

Onze verwarming heeft kuren.
We hebben een ingewikkeld geval, dat de buitentemperatuur meet, die koppelt aan die van binnen en dan zelf berekent wat de beste temperatuur is om de keet te verwarmen.
Ingenieus bedacht, want zo zou het altijd behaaglijk moeten zijn.
In de zomer doet hij het altijd prima, want dan staat hij gewoon uit, maar in de overgang naar de winter, snapt het ding het niet meer. Blijft hij gewoon op de nachtstand staan en vertikt hij het om spontaan aan te slaan.
En zo kwam ik de afgelopen dagen beneden terwijl het er nauwelijks achttien graden was en het display een maantje aangaf ten teken dat het apparaat nog in ruste was. En daar werd ik niet vrolijk van.
Vorig jaar x96 en het jaar daar voor-xa0 hebben we de verwarmingsexpert erbij gehaald. Die legt dan keurig uit waar het aan ligt. Maar eigenlijk begrijp ik niets van die technische termen, luister ik maar half en ben alles weer vergeten zodra de verwarming netjes zijn werkt doet.
En zo komt het dat ik nu weer op het punt staat het mannetje te bellen voor een zoveelste te technische verklaring.
Gelukkig is mijn interne thermostaat ook van de leg, zodat ik het zeer regelmatig veel te warm heb en de verwarming helemaal niet mis.
Terwijl ik dit schrijf, besef ik ineens wat er aan de hand is: de cv heeft het ook gewoon moeilijk met de overgang.
Misschien moet ik maar eens wat aardiger tegen hem, of beter: haar doen.